Ouders

Wat kun je thuis als ouder doen?

Het is belangrijk om thuis met jouw kind te praten over de KiVa-lessen. Wat heeft je kind op school geleerd over pesten en wat vindt je kind daarvan?

Door op dezelfde lijn te staan als de school, versterk je als ouder(s) de boodschap van de school (en omgekeerd). Als kinderen op thuis en op school dezelfde boodschap horen, weten ze nog beter waaraan ze zich moeten houden. Sterke rolmodellen moedigen hen bovendien aan tot een respectvolle en verantwoordelijke houding. 

Voor slachtoffers van pestgedrag is het vaak moeilijk om over hun problemen te praten. Als je kind jou toevertrouwt dat het wordt gepest, is het van groot belang deze problemen niet weg te wuiven of te bestempelen als onschuldige plagerijtjes. Bestook je kind niet met tips of wijze raad, maar maak tijd om oprecht te luisteren en te praten. Maak duidelijk dat jouw kind geen schuld treft. Waardeer je kind omdat het (eindelijk) durfde te praten. Onderlijn dat je het belangrijk vindt dat de pesterijen zo snel mogelijk worden stopgezet en dat je daarom met een vertrouwenspersoon binnen de school in gesprek wilt gaan. Benadruk dat je er mee zult over waken dat er niets gebeurt dat jouw kind nog meer in gevaar brengt. 

Als ouder doe je er goed aan om heel regelmatig te vragen: ‘En, hoe was het vandaag of school?’ of ‘Heb je een fijne dag gehad, vandaag?’ Deze alledaagse vragen laten toe te vernemen hoe de schooldag van jouw kind is verlopen, hoe zij of hij zich voelt en met wie zij of hij graag optrekt. Door deze vragen te stellen maak je duidelijk dat je geïnteresseerd bent in de ervaringen op school. Deze vragen kunnen een opening zijn voor een gesprek waarin jouw kind haar of zijn problemen kwijt kan. 

Als je deze vragen de volgende keer stelt, kijk dan goed hoe jouw kind erbij zit of zich gedraagt. Neem niet zomaar genoegen met een kort, positief antwoord. Neem voldoende tijd en maak duidelijk dat je kind in alle omstandigheden op jouw mag rekenen. Door open vragen te stellen, krijg je makkelijker een dieper contact. Blijf in elk geval kijken naar de houding, de gezichtsuitdrukking, de manier van spreken en doen van je kind. Vermoed je dat er iets aan de hand is, leg dan ook uit waarom je je ongerust maakt. Verduidelijk dat je in de mate van het mogelijke rekening zult houden met wat je zoon of dochter wil.